Inhoud
- Inleiding
- Pioniers Amnesty International: Peter Benenson, Martin Ennals
- Pioniers AI Vlaanderen: Herman Todts, Louis Kiebooms, Hendrik Verjans
- De eerste voorzitters: Hanneke Verploeg, Willy Laes
- Een kantoor en de eerste directeur: Annie Andriessen
- De eerste lokale groepen
- Het mandaat en de eerste grote internationale campagnes
- Onafhankelijkheid en samenwerking
- Amnesty International in de pers
- Nobelprijs voor de vrede
- Tijdslijn
- Bronnen
Inleiding
We brengen de pioniersjaren in beeld aan de hand van interviews met de pioniers van Amnesty International, of met de mensen die hen hebben gekend. Zo kunnen we een glimp opvangen van de personen die aan de wieg stonden, van hun motieven en sociaal engagement. In de eerste jaren zijn de belangrijkste inhoudelijke en organisatorische fundamenten vastgelegd, zeg maar het karakter van de organisatie, die tot op vandaag mee de werking en strategie bepalen.
De stichting van Amnesty International vindt plaats in Londen en de start is officieel 8 oktober 1961. Op die dag werd de beslissing genomen tot het oprichten van een permanente organisatie om Benenson's Appeal for Amnesty te bestendigen. Het verhaal begint immers bij het verschijnen van Peter Benenson’s artikel The Forgotten Prisoners in de Britse krant The Observer, waarin hij zijn Appeal for Amnesty lanceert. Een eerste vergadering in Londen volgt op 28 mei 1961.
Al vanaf het beginjaar 1961 zijn Vlamingen betrokken bij de activiteiten en de uitbouw van de organisatie. Dat is dus lang voor de officiële oprichting van een Belgische sectie van Amnesty International in 1973, en de latere opsplitsing in 1977 in een Vlaamse en een Franstalige sectie. De betekenis van Amnesty International Vlaanderen voor de pioniersjaren van de internationale moederorganisatie is uitzonderlijk interessant. Het is het engagement van de Vlaamse pioniers dat hier verder in de schijnwerpers wordt gezet. Wie meer wil lezen over de internationale ontwikkelingen kan terecht bij Making Amnesty International van Michelle Carmody, dat de activisten belicht die Amnesty International wereldwijd uitbouwen tussen 1961 en 2001.
In een eerste rubriek belichten we twee internationale pioniers omdat zij uitzonderlijke contacten hadden met de Vlaamse pioniers: oprichter Peter Benenson en Martin Ennals, de eerste betaalde secretaris-generaal. Een tweede, derde en vierde rubriek laten getuigen aan het woord over de Vlaamse protagonisten van de beweging in de jaren 1960. De volgende rubrieken belichten achtereenvolgens het ontstaan van de eerste duurzame lokale Amnesty-groepen, het zogenaamde mandaat van Amnesty International en de belangrijkste campagnes, de financiële onafhankelijkheid en samenwerking met andere organisaties, de rol van de pers, en tot slot een bekroning in de vorm van de Nobelprijs voor de Vrede.
Pioniers Amnesty International: Peter Benenson, Martin Ennals
Het ontstaan in 1961, de aanvankelijke groei en de enigszins moeizame beginperiode van Amnesty International kunnen niet los gezien worden van de politiek-maatschappelijke context rond mensenrechten. In de naoorlogse periode en in de geest van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van 1948 worden een aantal verdragen gesloten rond mensenrechten, maar ook instellingen en organisaties opgericht die de nieuwe waarden en normen zullen omkaderen. Zoals andere mensenrechtenbewegingen in de jaren 1960 en 1970 wordt Amnesty International gerekend tot de nieuwe sociale bewegingen, en zoekt ze een plaats in het maatschappelijke middenveld. Met acties en in samenwerking met andere drukkingsgroepen tracht ze de publieke opinie en het overheidsbeleid te beïnvloeden.
Amnesty International kent geen gemakkelijke start na haar oprichting in 1961. Er komen al snel afdelingen in een aantal buurlanden, maar veel van deze landelijke secties ervaren een dipje in de werking in de jaren 1960 en ook het internationaal bestuur in Londen moet na tien jaar een nieuw elan vinden. Kenmerkend voor de vernieuwde organisatie was het leunen op basisgroepen. Het was groeien met vallen en opstaan. Een nieuw soort middenveldorganisatie, stevig democratisch gestoeld en met internationale ambitie kreeg langzaam vorm.
In de loop van jaren 1960 komt er een internationaal secretariaat in Londen tot stand en worden de doelstellingen duidelijker afgebakend.
Peter Benenson

Peter Benenson (Copyright Niël Meyer - Collectie Amsab-ISG, fo031333)
Peter Benenson was als puber al zeer sociaal gedreven en zijn opleiding als jurist bracht hem nog dichter bij het bestrijden van alle vormen van onrecht en het verdedigen van alle mensenrechten. Dat zijn moeder bevriend was met Eleanor Roosevelt is daarenboven wellicht ook niet vreemd aan zijn maatschappelijke bewogenheid.
Met Amnesty International was Peter Benenson niet aan zijn proefstuk toe. Hij zette zich voor de jaren 1960 al actief in op diverse domeinen van mensenrechten. Uit een korte biografie van zijn sociaal activisme onthouden we zijn verdediging van vakbondsmilitanten in het fascistische Spanje van de jaren 1950, zijn ondersteuning van advocaten in Grieks Cyprus en zijn bijdrage tot het sturen van waarnemers voor de mensenrechten naar Zuid-Afrika en Hongarije. Het oprichten van een brede, onafhankelijke en wereldwijde mensenrechtenorganisatie was een logische verderzetting van zijn engagement. Het allereerste secretariaat van Amnesty is in de pioniersjaren gehuisvest in de kelder van Benensons kantoor in Mitre Court, in het centrum van Londen.
De mythe rond de oprichting van Amnesty International toont de diepe bewogenheid van advocaat en activist Peter Benenson.
Naast de mythe zijn er de feiten, maar vooral ook de impact. Getroffen door de arrestatie van twee Portugese studenten die een toast uitbrachten op de vrijheid publiceerde Peter Benenson samen met vrienden een vlijmscherp artikel in The Observer op zondag 28 mei 1961. Het artikel ging over gevangenen omwille van kwesties rond geweten en politieke overtuigingen en het artikel was meteen een oproep: een Appeal for Amnesty! En die oproep werd ruim gehoord en gevolgd.
Het artikel krijgt een zeer grote respons. Enkele weken later, op 22 en 23 juli 1961, vond in Luxemburg een internationale vergadering plaats met deelnemers uit onder meer Frankrijk, Duitsland, België, Ierland en Groot-Brittannië. Er werden afdelingen opgericht in Zwitserland en Griekenland. Nog voor het jaareinde toonde ook Australië belangstelling en werd in New York een voorlopig comité opgericht.

'The Forgotten Prisoners', The Observer, 28 mei 1961 (Collectie Amnesty International UK)
Als stichter en grote bezieler van Amnesty Internationaal blijft Peter Benenson jarenlang actief en hij heeft een speciale betekenis gegeven aan de kaars als symbool van licht in de duisternis.
In een interview in 1994 legt Peter Benenson uit hoe hij tot de beslissing kwam om actie te ondernemen voor gewetensgevangenen en waarom hij wereldwijd verzet voor ogen had.
Peter Benenson over het begin van Amnesty International, 1994 (video, 2 min.) (Copyright World Images, Dominique O’Regan, Bristol - Collectie Amnesty International, London)
Peter Benenson wist veel mensen te inspireren en te activeren, waaronder in Vlaanderen Herman Todts, Louis Kiebooms en Hendrik Verjans. Deze toen nog jonge mannen vonden elkaar in de Vlaamse beweging, de politiek en in hun wens om amnestie te bekomen voor aan de collaboratie verwante maar geweldloze daden.
Martin Ennals

Amnesty maakt in de tweede helft van de jaren 1960 internationaal een moeilijke periode door. Maar uit de crisisjaren, of misschien wel dankzij de crisis, wordt in de jaren 1970 een sterke internationale organisatie uitgebouwd. Dat is het werk van Martin Ennals, een man met internationale ervaring in leidinggevende functie van niet-gouvernementele organisaties.
In 1968 wordt Martin Ennals de eerste secretaris-generaal van Amnesty International. Voordien was hij algemeen secretaris van de Anti-Apartheidsbeweging en de National Council for Civil Liberties in Groot-Brittannië. Een man met politieke ervaring, maar ook met ervaring in het omgaan met grote organisaties. Martin Ennals is de eerste bestuurder binnen Amnesty International die zijn aandacht voornamelijk richtte naar het internationale werkterrein.
Martin Ennals richt zich expliciet tot een bredere groep activisten. Daarin verschilt hij op verschillende punten van mening met Benenson. De laatste is sterk geïnspireerd door het universalisme van de mensenrechten, dat wil zeggen mensenrechten zijn ondeelbaar en gelden voor iedereen. Martin Ennals daarentegen wil een brug slaan tussen linkse en liberale overtuigingen en zich meer internationaal richten op gebeurtenissen in de voormalige gekoloniseerde wereld. Het internationalisme van de late jaren 1970 verklaart mee de grote doorbraak van de kwestie van de mensenrechten, ook binnen Amnesty International. Een aantal feiten ondersteunen de groeiende interesse voor mensenrechten: de aanslepende Vietnamoorlog, de coup van Augusto Pinochets in Chili, en de Amerikaanse president Jimmy Carter die van mensenrechten een kernpunt van zijn beleid maakt. Mensenrechten waren voordien eerder een marginaal fenomeen naast de echte staatszaken.
De meer traditionele Amnesty-taken worden onder leiding van Martin Ennals uitgebreid met nieuwe initiatieven, waaronder de urgent actions. Zo kan een breder publiek worden bereikt en de werkmethodes worden geperfectioneerd. Eveneens onder leiding van Ennals is ook het Amnesty European Office opgericht om de mensenrechten ook op Europees niveau op de politieke agenda te zetten. Het Amnesty Bureau van de Europese Instellingen richt zich op besluitvormers in de Europese Unie en de Raad van Europa met het oog op het beschermen van mensenrechten.
In een interview uit 2025 vertelt Willy Laes, de eerste officiële voorzitter van Amnesty International Vlaanderen, over de belangrijke rol van Martin Ennals bij de uitbouw van Amnesty International.
Pioniers AI Vlaanderen: Herman Todts, Louis Kiebooms, Hendrik Verjans
In Vlaanderen is de interesse voor de nieuwe organisatie in 1961 deels christelijk en deels Vlaams geïnspireerd. De pioniers van de jaren 1960 vinden elkaar in het Verbond van het Vlaams Verzet (VVV), een katholiek geïnspireerde organisatie. Het VVV ijverde in de jaren 1950 voor amnestie of amnestiërende maatregelen voor de collaborateurs van de Tweede Wereldoorlog, vooral dan voor hen die geen geweld hadden gebruikt en die zij als ‘gewetensgevangenen’ zagen.
Vanaf eind jaren 1960 - en zeker na de gebeurtenissen van mei 1968 - groeit er binnen Amnesty International steeds meer belangstelling voor linksere en eerder socialistische maatschappijvisies.
Amnesty International Vlaanderen gaat in 1961 vas start met Herman Todts, Louis Kiebooms en Hendrik Verjans als protagonisten, die samen met Peter Benenson ook internationaal een belangrijke spelen.
Al in de eerste jaren van Amnesty zijn er intensieve contacten tussen Belgen en Britten, en in het bijzonder met Benenson. De contacten waren niet alleen in functie van het werk voor Amnesty. Getuigenissen wijzen op een zeer goede verstandhouding tussen Kiebooms en Benenson. Benenson ontmoette verschillende keren Kiebooms, bij de laatste thuis of in Antwerpen, in een aantal gevallen met Herman Todts erbij. Naar aanleiding van het congres in Male (zie verder) bezocht Benenson samen met de echtparen Kiebooms en Todts Vlaanderen. In Brugge waren ze te gast voor een diner op het bisschoppelijk paleis. De hulpbisschop was overigens een broer van mevrouw Kiebooms.
Over Louis Kiebooms en Herman Todts
De tweede internationale bijeenkomst van de jonge organisatie vond plaats in België. Op de vergadering in het kasteel van Male, nabij Brugge, op 28 september 1962 waren meer dan 60 deelnemers aanwezig die drie dagen vergaderden rond het thema van hulp aan de vervolgden van de wereld. De delegaties kwamen uit veertien landen: België, Groot-Brittannië, de Verenigde Staten, Australië, Sri Lanka, Cuba, Duitsland, Frankrijk, Griekenland, Luxemburg, Ierland, Nederland, Zuid-Afrika en Zweden. Er waren ook waarnemers van elf organisaties, waaronder de Raad van Europa, de Internationale Commissie van Juristen, en de Liga van de Rechten van de Mens.
De eerste voorzitters: Hanneke Verploeg, Willy Laes
zzzz
Een kantoor en de eerste directeur: Annie Andriessen
zzzz
De eerste lokale groepen
zzzz
Het mandaat en de eerste grote internationale campagnes
zzzz
Onafhankelijkheid en samenwerking
zzzz
Amnesty International in de pers
zzzz
Nobelprijs voor de vrede
zzzz






